Overslaan naar inhoud

Financiële administratiehuisarts en mondzorg

Een huisartsenpraktijk overnemen: goodwill en financiering

Goodwill vragen mag, maar de LHV is ertegen en het blijft een onderhandeling. Wat u koopt, verdient u terug uit de inschrijvingen en consulten. Zo rekent u het door, en dit zijn de andere routes naar een eigen praktijk.

6 min leestijd

Bij de overname van een huisartsenpraktijk mag de vertrekkende huisarts goodwill vragen. Goodwill is de vergoeding voor de niet-materiële waarde van de praktijk, zoals het patiëntenbestand en de ligging. Er is geen wettelijk verbod, maar de LHV is tegen het vragen van goodwill.

Of u goodwill betaalt, is dus een onderhandeling. Wat u ook betaalt, u verdient het terug uit de inschrijvingen en consulten van uw patiënten. Reken dat door voordat u tekent.

In het kort

  • Goodwill vragen bij een praktijkoverdracht mag sinds 2006 weer. De LHV is ertegen, behalve bij het apotheekdeel van een apotheekhoudende praktijk.
  • Fiscaal schrijft u goodwill af met ten hoogste 10% per jaar. Voor de verkoper is het stakingswinst.
  • De vaste basis is het inschrijftarief: in 2026 maximaal € 21,94 per kwartaal voor een patiënt tot 65 jaar. Een nulpraktijk kan met steun van de zorgverzekeraar starten.

Stand 1 november 2026. Over de hoogte van gangbare goodwillbedragen vonden wij geen officiële bron. De rekenvoorbeelden zijn voorbeelden, geen norm.

In dit artikel

  1. Mag een huisarts goodwill vragen bij de overdracht?
  2. Hoe zit het bij een apotheekhoudende praktijk?
  3. Hoe verdient u de overname terug?
  4. Hoe werkt goodwill in de belasting?
  5. Zijn er andere routes naar een eigen praktijk?

Mag een huisarts goodwill vragen bij de overdracht?

Ja. Het is toegestaan om bij de overname van een praktijk goodwill te vragen of te betalen. De LHV schrijft dat er geen wettelijk verbod is, dat u zelf mag bepalen of u goodwill vraagt of betaalt, en dat de LHV geen verbod kan of mag opleggen (LHV, Goodwill).

De LHV is wel tegen goodwill. Het mag geen drempel opwerpen voor jonge huisartsen, kan de samenwerking tussen huisartsen schaden en heeft volgens de LHV een negatieve invloed op de kwaliteit van zorg. Ook de overheid en zorgverzekeraars zijn tegen (LHV, Goodwill).

Dat verbod bestond wel. Goodwill werd per 1 januari 1987 afgeschaft na een convenant tussen VWS en de LHV. Dat kon omdat er sinds 1973 een verplichte pensioenregeling voor huisartsen was. Met de invoering van de Zorgverzekeringswet op 1 januari 2006 verviel het wettelijke verbod (LHV, Goodwill: een korte geschiedenis). In 2017 schreef de minister dat goodwillbetalingen ongewenst zijn, maar dat de overheid niet kan ingrijpen zonder het eigendomsrecht aan te tasten (idem).

Hoe zit het bij een apotheekhoudende praktijk?

Daar is goodwill voor het apotheekdeel meestal gebruikelijk. Het bedrag is een onderhandeling. Volgens de LHV wordt het meestal niet berekend op de winst van de apotheek, maar op de bruto continue jaaromzet, omdat die neutraler is. Die bestaat uit de gedeclareerde zorgprestaties, de gedeclareerde geneesmiddelen en de zelfzorgmiddelen, eventueel min de inkoopkosten van de geneesmiddelen (LHV, Goodwill bij een apotheekhoudende praktijk).

De LHV noemt ook het volgrecht: verkoopt u het apotheekdeel kort na de overname door, dan kan de vorige eigenaar een deel van de meeropbrengst krijgen. Als voorbeeld noemt de LHV 80% bij doorverkoop binnen een jaar en 60% binnen twee jaar. Dat zijn onderhandelbare voorbeelden, geen regel (LHV, Goodwill bij een apotheekhoudende praktijk).

Hoe verdient u de overname terug?

Uit de vaste inkomsten per ingeschreven patiënt en uit de consulten. De NZa stelt maximumtarieven vast. In 2026 is het inschrijftarief per kwartaal maximaal € 21,94 voor een patiënt tot 65 jaar, € 25,82 van 65 tot 75, € 38,88 van 75 tot 85 en € 61,14 vanaf 85 jaar. Een regulier consult van 5 tot 20 minuten is maximaal € 13,40 (NZa, TB/REG-26611-02, vastgesteld 30 juni 2026).

Het inschrijftarief betaalt volgens de NZa de beschikbaarheid, inclusief de avond-, nacht- en weekenddiensten, en een deel van de zorg. Daarmee is de omzet van een huisartsenpraktijk voorspelbaarder dan die van veel andere praktijken. De leeftijdsopbouw van de patiënten bepaalt veel: een praktijk met veel ouderen heeft per patiënt een hoger inschrijftarief.

Let bij een overname in 2026 op de tarieven. De NZa stelde de gewijzigde tariefbeschikking voor 2026 vast op 30 juni 2026, met een geldigheid vanaf 1 januari 2026 (NZa, TB/REG-26611-02). Spreek in de koopovereenkomst af wie eventuele nabetalingen of correcties over de periode voor de overdracht ontvangt.

Inschrijving per jaar bij 2.000 patiëntenA. Alle patiënten jonger dan 652.000 x € 21,94 x 4 kwartalen€ 175.520B. Met ouderen1.400 tot 65, 350 van 65 tot 75, 200 van 75 tot 85, 50 vanaf 85€ 202.344Maximumtarieven NZa 2026 per kwartaal: € 21,94, € 25,82, € 38,88 en € 61,14.Zonder consulten en ketenzorg.
Rekenvoorbeeld: inschrijfinkomsten per jaar voor een praktijk met 2.000 patiënten, bij twee verschillende leeftijdsopbouwen. Alleen het inschrijftarief, zonder consulten en ketenzorg. De praktijk en de verdeling zijn een voorbeeld. Bron: NZa, TB/REG-26611-02.

Ter oriëntatie: het CBS telde voor alle huisartsenpraktijken samen in 2024 € 6.478 miljoen bedrijfsopbrengsten. Daarvan ging € 1.647 miljoen naar arbeidskosten en € 2.285 miljoen naar overige kosten. Het bedrijfsresultaat was € 2.446 miljoen, inclusief het inkomen van de praktijkhouders (CBS, tabel 86104NED, 2024 voorlopig). Dat is een CBS-gemiddelde, geen norm voor een praktijk die u overneemt.

Hoe werkt goodwill in de belasting?

U schrijft betaalde goodwill af met ten hoogste 10% per jaar, dus in minstens tien jaar (Wet IB 2001, artikel 3.30 lid 2). Inventaris en apparatuur mag u sneller afschrijven, met ten hoogste 20% per jaar. Leg daarom in de koopovereenkomst vast welk deel van de prijs voor wat is.

Voor de verkoper is de goodwill winst bij het staken van de praktijk. Daarover betaalt hij inkomstenbelasting, met een stakingsaftrek van ten hoogste € 3.630 (Wet IB 2001, artikel 3.79). Personeel in loondienst gaat bij de overgang van de praktijk van rechtswege mee naar de koper (Burgerlijk Wetboek, artikel 7:663). Voor doktersassistenten en praktijkondersteuners geldt de cao Huisartsenzorg.

Koopt u met een eigen eenmanszaak of bv, dan bent u voor de zorgregels een nieuwe zorgaanbieder. De vergunningplicht geldt sinds 1 januari 2025 voor alle zorgaanbieders, behalve onder meer de solist in een eenmanszaak. Wie de zorg overneemt en nog geen vergunning heeft, vraagt die zo vroeg mogelijk aan (Toetreding zorgaanbieders, Vergunningplicht en Vragen over de vergunningplicht).

De vergunningplicht geldt voor zorg uit de Zorgverzekeringswet en voor medisch-specialistische zorg. Huisartsenzorg is geen medisch-specialistische zorg, ook niet als de huisarts een kleine chirurgische ingreep doet (Toetreding zorgaanbieders, Vergunningplicht). Een huisartsenpraktijk die zorg laat verlenen door anderen, zoals een waarnemer of zorgverleners in dienst, valt wel onder de vergunningplicht, omdat huisartsenzorg onder de Zorgverzekeringswet valt.

Zijn er andere routes naar een eigen praktijk?

Ja. U kunt associëren met een zittende huisarts, of een nieuwe praktijk zonder patiënten starten, een nulpraktijk. Zorgverzekeraars helpen sinds een afspraak in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord mee om nulpraktijken van de grond te krijgen. VGZ noemt financiële steun ter overbrugging van de eerste twee jaren, aan te vragen via VECOZO, met onder meer een ondernemingsplan en een begroting (LHV, de Dokter 1/2026, Nulpraktijk).

Bij associatie is goodwill vaak het gevoelige punt. Een huisarts vertelde in het LHV-ledenblad dat een eerdere associatie strandde op onuitgesproken verwachtingen over goodwill en winstverdeling. Bij zijn huidige praktijk besprak hij goodwill daarom als een van de eerste dingen (LHV, de Dokter 3/2026).

OvernemenBestaande patiënten en teamGoodwill mag, LHV is tegenGoodwill: max. 10% per jaar afPersoneel gaat meemeteen omzetAssociërenIn een maatschap of duoGoodwill en winstverdelingvroeg besprekenEerst waarnemen kansamenNulpraktijkStart zonder patiëntenSteun van zorgverzekeraareerste twee jaar (VGZ)Ondernemingsplan nodiggeen goodwill
Drie routes naar een eigen praktijk, met de belangrijkste punten. Bron: LHV, Wet IB 2001 artikel 3.30, BW 7:663 en LHV, de Dokter 1/2026.

Wat u ook koopt, het hart van een praktijk is de vaste relatie tussen huisarts en patiënt. Een systematische review vond in 18 van 22 studies dat meer continuïteit van zorg door artsen samenging met een lagere sterfte. Alle studies waren observationeel, dus het is een samenhang, geen bewezen oorzaak (Pereira Gray e.a., 2018). Vraag daarom ook hoe de overdracht van patiënten van de vertrekkende huisarts naar u verloopt. Meer over de valkuilen bij kopen staat in Waarom levert een overname de koper vaak minder op dan verwacht?

Bronnen

  • LHV, Goodwill (themapagina), geraadpleegd 1 november 2026. lhv.nl
  • LHV, Goodwill: een korte geschiedenis, geraadpleegd 1 november 2026. lhv.nl
  • LHV, Goodwill bij een apotheekhoudende praktijk, geraadpleegd 1 november 2026. lhv.nl
  • NZa, Gewijzigde prestatie- en tariefbeschikking huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2026, TB/REG-26611-02, vastgesteld 30 juni 2026. puc.overheid.nl
  • CBS, Praktijken van zorgverleners, financiën, SBI 2008 (86104NED), 20 oktober 2026. opendata.cbs.nl
  • Wet inkomstenbelasting 2001, artikelen 3.30 en 3.79, geldend vanaf 1 januari 2026. wetten.overheid.nl
  • Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 663, geldend vanaf 1 juli 2026. wetten.overheid.nl
  • CIBG, Toetreding zorgaanbieders, Vergunningplicht en Vragen over de vergunningplicht, geraadpleegd 1 november 2026. toetredingzorgaanbieders.nl
  • LHV, de Dokter 1/2026, Nulpraktijk: Hopelijk durven nu meer huisartsen deze stap te nemen. lhv.nl
  • LHV, de Dokter 3/2026, We hebben de onderlinge vervanging goed geregeld (interview). lhv.nl
  • Pereira Gray, D.J., Sidaway-Lee, K., White, E., Thorne, A. & Evans, P.H. (2018). Continuity of care with doctors, a matter of life and death? A systematic review of continuity of care and mortality. BMJ Open, 8(6), e021161. doi.org

Dit artikel hoort bij

Financiële administratie

Boekhouding, jaarrekening, financiering en grip op uw cijfers.

Wilt u weten wat wij hierin voor uw onderneming doen?

Verder lezen

Alle artikelen

Personeel en salarishuisarts en mondzorg

Tandartspraktijk zonder cao, wel PFZW voor de assistenten: wat regelt u als werkgever?

Er is geen cao voor tandartsassistenten en mondhygiënisten. De KNMT trok eind 2022 haar arbeidsvoorwaardenregeling in, en in 2026 is er nog geen cao Mondzorg. U spreekt de arbeidsvoorwaarden dus zelf af, binnen de wet. Het pensioen is wel geregeld: een tandarts moet zijn tandartsassistenten en tandartsassistenten-plus aanmelden bij PFZW. De premie is in 2026 25,90% van het salaris boven de franchise van € 17.283. Andere medewerkers mag u vrijwillig aanmelden, maar dan iedereen.

6 min leestijd

Personeel en salarishuisarts en mondzorg

Vaste waarnemer of eigen praktijk: wat kan nog als zzp-huisarts?

De Belastingdienst handhaaft sinds 2025 weer op schijnzelfstandigheid. In 2026 kan hij vergrijpboetes opleggen en naheffen tot 1 januari 2025. Voor huisartsen is er een goedgekeurde modelovereenkomst voor duurwaarneming, maar die raadt zelf voor vaste waarneming een andere overeenkomst aan. Een rechter oordeelde in 2023 dat een waarnemer bij een huisartsenpost geen werknemer was. De LHV ziet het vaste waarnemerschap verdwijnen en meer huisartsen kiezen voor loondienst of een maatschap.

6 min leestijd

Belastinghuisarts en mondzorg

Spoeddienst tussen tandartsen: wanneer betaalt u btw over de vergoeding?

Tandartspraktijken die samen een spoedpost betalen, gaan er vaak van uit dat alles in de zorg vrij is van btw. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zag dat in 2025 anders. De behandeling van de patiënt blijft vrijgesteld. Maar de vaste vergoeding per tandarts voor het beschikbaar zijn van de spoedpost is een aparte dienst aan de praktijken, zonder zorg erin. Daarover is 21% btw verschuldigd.

7 min leestijd

Kennismaken?

Vertel ons over uw onderneming. We werken bewust met een beperkt aantal klanten. Daarom kijken we eerst samen of we bij elkaar passen.

Vraag een kennismaking aan