Overslaan naar inhoud

Advies

Waarom levert een overname de koper vaak minder op dan verwacht?

Gemiddeld winnen kopers geen waarde met een overname. De oorzaken liggen vooral bij de prijs en de integratie, en die kunt u deels zelf sturen.

8 min leestijd

Een overname levert de koper gemiddeld niets extra op, en vaak zelfs iets minder. Dat blijkt uit een meta-analyse van onderzoek naar de prestaties van kopende bedrijven. De belangrijkste oorzaken zijn een te hoge prijs en een samenvoeging die moeizamer loopt dan gepland. Beide kunt u als koper voor een deel zelf sturen.

In het kort

  • Gemiddeld verbeteren de prestaties van een koper niet door een overname. Ze gaan er zelfs licht op achteruit.
  • Kopers van een niet-beursgenoteerd bedrijf en kleine kopers doen het gemiddeld beter dan kopers van beursgenoteerde bedrijven en grote kopers.
  • Een grondig boekenonderzoek, een deel van de prijs afhankelijk van latere resultaten en een plan voor de integratie verkleinen het risico.

In dit artikel

  1. Levert een overname de koper gemiddeld iets op?
  2. Hoeveel waarde verliest een koper bij een overname?
  3. Waarom betalen kopers vaak te veel?
  4. Maakt het uit wat voor bedrijf u koopt?
  5. Waarom valt de periode na de overname vaak tegen?
  6. Hoe verkleint u als koper de kans op een tegenvaller?

Levert een overname de koper gemiddeld iets op?

Nee, gemiddeld niet. Een groot overzicht van onderzoek vond dat de prestaties van kopende bedrijven niet verbeteren door hun overnames. Ze gaan er gemiddeld zelfs in beperkte mate op achteruit (King, Dalton, Daily & Covin, 2004).

Dat overzicht is een meta-analyse, een studie die de uitkomsten van veel eerdere studies samenvoegt tot één schatting. De auteurs keken naar de factoren die in eerder onderzoek het vaakst werden bestudeerd. Over al die factoren heen bleef het beeld hetzelfde: geen winst voor de koper, en een klein verlies (King e.a., 2004).

De onderzoekers vonden ook aanwijzingen dat factoren die nog niet onderzocht zijn een belangrijk deel van het verschil tussen geslaagde en mislukte overnames verklaren (King e.a., 2004). Een eenvoudig recept voor een geslaagde overname bestaat dus niet. Wat wel bekend is, gaat vooral over wat er misgaat.

Een recenter overzicht van de onderzoeksliteratuur komt tot een vergelijkbare conclusie. Kopende bedrijven presteren vaak slechter dan vergelijkbare bedrijven die niets overnemen, vooral bij de overname van beursgenoteerde bedrijven. Een positieve eerste reactie van de beurs houdt op lange termijn ook vaak geen stand (Renneboog & Vansteenkiste, 2019).

Hoeveel waarde verliest een koper bij een overname?

Dat verschilt sterk per periode en per deal. In de Verenigde Staten verloren aandeelhouders van kopende beursgenoteerde bedrijven tussen 1998 en 2001 samen 240 miljard dollar rond de aankondiging van hun overnames. Dat is 12 cent per uitgegeven dollar (Moeller, Schlingemann & Stulz, 2005).

1998 tot en met 200112 centJaren tachtig1,6 cent
Verlies van aandeelhouders van Amerikaanse kopers rond de aankondiging van een overname, per uitgegeven dollar. Bron: Moeller, Schlingemann & Stulz (2005).

In de hele jaren tachtig was dat verlies veel kleiner: 7 miljard dollar, of 1,6 cent per dollar. Het grote verlies rond 2000 kwam vooral door een klein aantal overnames door bedrijven met een zeer hoge beurswaarde. Zonder die deals waren de aandeelhouders van kopers er volgens de onderzoekers juist op vooruitgegaan (Moeller e.a., 2005).

Deze cijfers meten de reactie van de beurs bij de aankondiging, niet de winst in de jaren erna. Ze laten wel zien hoe beleggers de prijs en de plannen van de koper beoordelen. De bedrijven die deals met grote verliezen deden, presteerden daarna ook slecht (Moeller e.a., 2005). Een paar slechte overnames kunnen zo het totaalbeeld bepalen.

Waarom betalen kopers vaak te veel?

Een belangrijke reden is overmoed. Kopers schatten de waarde van het bedrijf dat ze kopen en hun eigen kunnen vaak te hoog in. Daardoor betalen ze een prijs die de overname niet terugverdient.

Onderzoek bij grote Amerikaanse bedrijven tussen 1980 en 1994 laat dit goed zien. Als overmoedig telde onder meer een bestuurder die persoonlijk te veel in het eigen bedrijf belegd hield, of die de pers als zeer zelfverzekerd beschreef. De odds (de verhouding tussen wel en niet doen) dat zo'n bestuurder een overname deed, waren 65% hoger dan bij andere bestuurders (Malmendier & Tate, 2008).

Beleggers zagen dat ook. Bij de aankondiging van een overname daalde de koers van bedrijven met een overmoedige bestuurder gemiddeld met 0,90%, tegen 0,12% bij de andere bedrijven (Malmendier & Tate, 2008). Het effect was het sterkst bij overnames buiten de eigen branche die zonder externe financiering betaald konden worden.

Overmoedige bestuurder-0,90%Andere bestuurders-0,12%
Gemiddelde koersreactie bij de aankondiging van een overname, naar type bestuurder, bij grote Amerikaanse bedrijven van 1980 tot en met 1994. Bron: Malmendier & Tate (2008).

Voor een ondernemer in het mkb is dat laatste punt het belangrijkst. Als u een overname uit eigen middelen betaalt, kijkt er geen bank of belegger kritisch naar uw aannames. Een tweede, onafhankelijke berekening van de waarde en van de verwachte voordelen vult die rol in.

Maakt het uit wat voor bedrijf u koopt?

Ja. Kopers van een niet-beursgenoteerd bedrijf of een dochterbedrijf winnen gemiddeld waarde bij de aankondiging. Kopers van een beursgenoteerd bedrijf verliezen gemiddeld waarde (Fuller, Netter & Stegemoller, 2002).

Die studie keek naar bedrijven die in korte tijd vijf of meer overnames deden. Omdat dezelfde koper verschillende soorten bedrijven kocht, konden de onderzoekers het effect van het soort doelwit scheiden van de koper zelf. Zij verklaren het verschil onder meer met een liquiditeitskorting: een bedrijf dat niet op de beurs verhandeld wordt, is lastiger te verkopen en daardoor vaak goedkoper (Fuller e.a., 2002).

Ook de omvang van de koper doet ertoe. In een studie van 12.023 overnames door beursgenoteerde bedrijven tussen 1980 en 2001 was de koersreactie bij de aankondiging voor kleine kopers ongeveer twee procentpunten beter dan voor grote kopers. Dat gold ongeacht de betaalwijze en ongeacht of het gekochte bedrijf beursgenoteerd was (Moeller, Schlingemann & Stulz, 2004).

Niet-beursgenoteerd doelwitkoper wint gemiddeld waardebij de aankondigingFuller e.a. 2002Beursgenoteerd doelwitkoper verliest gemiddeld waardebij de aankondigingFuller e.a. 2002Kleine koperca. 2procentpunten betere koersreactiedan een grote koperMoeller e.a. 2004Grote koperlagere koersreactie, ongeachtbetaalwijze of soort doelwitMoeller e.a. 2004
Hoe het soort doelwit en de omvang van de koper samenhangen met de koersreactie bij de aankondiging. Bronnen: Fuller, Netter & Stegemoller (2002), Moeller, Schlingemann & Stulz (2004).

Voor het mkb is dat gunstig nieuws, maar geen garantie. Een mkb-overname is bijna altijd de koop van een niet-beursgenoteerd bedrijf door een kleine koper. De onderzochte kopers waren wel zelf beursgenoteerd, en het gaat om gemiddelden en verbanden, niet om oorzaak en gevolg. De cijfers zeggen dus iets over de kansen, niet over uw eigen deal.

Waarom valt de periode na de overname vaak tegen?

Omdat de voordelen pas komen als twee bedrijven echt samenwerken, en dat kost meer tijd en moeite dan verwacht. Verschillen in werkwijze en cultuur spelen daarbij een rol, maar niet altijd een negatieve.

Een meta-analyse van 46 studies met samen 10.710 overnames keek naar de rol van cultuurverschillen. Die verschillen beïnvloedden het samengroeien van de mensen, het halen van de verwachte voordelen en de waarde voor aandeelhouders op verschillende en soms tegengestelde manieren (Stahl & Voigt, 2008). Cultuurverschil kan dus botsingen opleveren, maar ook nieuwe kennis.

Welk effect de overhand kreeg, hing onder meer af van hoe verwant de bedrijven waren en om welke cultuurverschillen het ging (Stahl & Voigt, 2008). Ook het overzicht van Renneboog en Vansteenkiste noemt de mate waarin koper en doelwit verwant zijn en elkaar aanvullen als factor voor de prestaties na de overname (Renneboog & Vansteenkiste, 2019).

In Nederland neemt u bij een overname bovendien vaak het personeel over, met hun bestaande afspraken. Bij een overgang van onderneming (de overdracht van een bedrijf of een deel ervan aan een nieuwe eigenaar) gaan de rechten en plichten uit de arbeidsovereenkomsten van rechtswege, dus automatisch, over op de koper (artikel 7:663 Burgerlijk Wetboek). Verschillen in loon en arbeidsvoorwaarden kunt u daardoor niet zomaar gelijktrekken.

Hoe verkleint u als koper de kans op een tegenvaller?

Door de prijs te toetsen, de risico's vooraf te onderzoeken en een deel van de onzekerheid bij de verkoper te leggen. Daarnaast helpt een plan voor de eerste maanden na de overname. Dat zijn knoppen die u zelf in de hand hebt.

Begin met een boekenonderzoek, ook wel due diligence genoemd: een controle of de informatie van de verkoper klopt en welke kansen en risico's het bedrijf heeft. De KVK wijst erop dat u als koper een onderzoeksplicht hebt. Controleer minimaal de cijfers en de lopende contracten, en kijk ook naar het personeel: het aantal mensen, hun uren en hun lonen (KVK, 2026).

Overweeg daarna een earn-out: een deel van de koopprijs dat u pas betaalt als het bedrijf na de overname afgesproken resultaten haalt. Onderzoek naar overnamecontracten laat zien dat zulke afspraken zo worden opgezet dat ze de kosten van onzekerheid over de waarde beperken. Ze beperken ook het risico dat een partij zich na de deal anders gedraagt dan afgesproken (Cain, Denis & Denis, 2011).

Voor het bodwaarde laten narekenenboekenonderzoekcijfers en contractenpersoneel en lonenIn het contractearn-out afsprekengaranties verkoperbetaling vastleggenNa de overnameintegratieplanpersoneel gaat meecultuur bespreken
Drie momenten waarop u als koper het risico van een overname verkleint. Gebaseerd op KVK (2026), Cain, Denis & Denis (2011) en artikel 7:663 Burgerlijk Wetboek.

Leg de prijs, de betaling en de garanties van de verkoper vast in het overnamecontract (KVK, 2026). Maak daarnaast een plan voor de eerste maanden na de overname: wie beslist wat, hoe het personeel overgaat en welke voordelen u wanneer verwacht. Die voordelen ontstaan pas als de bedrijven samenwerken, niet bij het tekenen.

Een garantie op succes geven deze stappen niet. Volgens de meta-analyse van King en collega's verklaren factoren die nog niet onderzocht zijn een belangrijk deel van het verschil tussen geslaagde en mislukte overnames (King e.a., 2004). Een koper die niet te veel betaalt en de integratie serieus neemt, vermijdt wel de bekendste oorzaken van een tegenvaller.

Bronnen

  • King, D.R., Dalton, D.R., Daily, C.M. & Covin, J.G. (2004). Meta-analyses of post-acquisition performance: indications of unidentified moderators. Strategic Management Journal, 25(2), 187-200. doi.org/10.1002/smj.371
  • Renneboog, L. & Vansteenkiste, C. (2019). Failure and success in mergers and acquisitions. Journal of Corporate Finance, 58, 650-699. doi.org/10.1016/j.jcorpfin.2019.07.010
  • Moeller, S.B., Schlingemann, F.P. & Stulz, R.M. (2005). Wealth destruction on a massive scale? A study of acquiring-firm returns in the recent merger wave. Journal of Finance, 60(2), 757-782. doi.org/10.1111/j.1540-6261.2005.00745.x
  • Malmendier, U. & Tate, G. (2008). Who makes acquisitions? CEO overconfidence and the market's reaction. Journal of Financial Economics, 89(1), 20-43. doi.org/10.1016/j.jfineco.2007.07.002
  • Fuller, K., Netter, J. & Stegemoller, M. (2002). What do returns to acquiring firms tell us? Evidence from firms that make many acquisitions. Journal of Finance, 57(4), 1763-1793. doi.org/10.1111/1540-6261.00477
  • Moeller, S.B., Schlingemann, F.P. & Stulz, R.M. (2004). Firm size and the gains from acquisitions. Journal of Financial Economics, 73(2), 201-228. doi.org/10.1016/j.jfineco.2003.07.002
  • Stahl, G.K. & Voigt, A. (2008). Do cultural differences matter in mergers and acquisitions? A tentative model and examination. Organization Science, 19(1), 160-176. doi.org/10.1287/orsc.1070.0270
  • Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 663 (rechten van de werknemer bij overgang van een onderneming), geldend vanaf 8 oktober 2026. wetten.overheid.nl
  • KVK, Bedrijf overnemen: waar begin je en waar moet je op letten?, bijgewerkt 15 juli 2026. kvk.nl
  • Cain, M.D., Denis, D.J. & Denis, D.K. (2011). Earnouts: A study of financial contracting in acquisition agreements. Journal of Accounting and Economics, 51(1-2), 151-170. doi.org/10.1016/j.jacceco.2010.05.001

Dit artikel hoort bij

Advies

Groei, overname, opvolging en de keuzes die uw bedrijf vormen.

Wilt u weten wat wij hierin voor uw onderneming doen?

Verder lezen

Alle artikelen

Advies

Hoe lang bent u aansprakelijk voor een lekkend dak?

Een klant kan u tot twintig jaar na de oplevering aanspreken voor een gebrek aan een dak. Sinds 1 januari 2024 bent u ook aansprakelijk voor gebreken die de klant bij de oplevering niet heeft ontdekt, tenzij het gebrek niet aan u ligt. Dat geldt ook bij een nieuw dak op een bestaande woning.

8 min leestijd

Advies

Heeft een klein bedrijf iets aan een sterk merk?

Ook een klein bedrijf dat aan andere bedrijven verkoopt, heeft iets aan een sterk merk. Onderzoek laat zien dat bekendheid vooral telt als producten op elkaar lijken en kopers weinig tijd hebben.

7 min leestijd

Kennismaken?

Vertel ons over uw onderneming. We werken bewust met een beperkt aantal klanten. Daarom kijken we eerst samen of we bij elkaar passen.

Vraag een kennismaking aan