Een adviesopdracht loopt zelden precies van januari tot december. Op 31 december is een deel van uw opdrachten half af. Dat werk heet onderhanden werk. Bij een uurtarief is het eenvoudig: u telt de uren die u nog niet hebt gefactureerd. Bij een vaste prijs moet u bepalen welk deel van de prijs bij het gedane werk hoort.
Dat deel telt mee in de omzet en de winst van het jaar. Dat geldt voor de jaarrekening van uw bv en ook voor de aangifte, bij een bv en bij een eenmanszaak. Wat u hebt gefactureerd, is daarbij niet de maatstaf.
In het kort
- Een opdracht tegen een vaste prijs telt naar rato van het gedane werk mee in uw omzet en winst. Fiscaal staat dat in artikel 3.29b van de Wet IB, die ook voor de bv geldt.
- Hoe ver u bent, meet u bij advieswerk meestal met gewerkte uren tegen alle uren die de opdracht kost. Een termijnfactuur zegt daar weinig over.
- Gaat de opdracht verlies opleveren, dan mag u dat verlies in de jaarrekening al nemen. Een succesfee telt pas mee als de uitkomst betrouwbaar is in te schatten.
In dit artikel
- Wat is onderhanden werk bij een adviesbureau?
- Waarom telt een half afgemaakte opdracht al mee voor uw winst?
- Hoe bepaalt u hoe ver een adviesopdracht is?
- Wat doen termijnfacturen en voorschotten met de balans en de btw?
- Wat doet u als een opdracht tegen een vaste prijs verlies gaat opleveren?
- Hoe verwerkt u een succesfee, een retainer of een opdracht die de klant stopt?
- Moet onderhanden werk in de jaarrekening hetzelfde zijn als in de aangifte?
Wat is onderhanden werk bij een adviesbureau?
Onderhanden werk is werk dat op de balansdatum is gedaan maar nog niet is afgerond of gefactureerd. Bij een adviesbureau gaat het om opdrachten: een organisatieadvies, een verandertraject of een interim-klus. De wet noemt dit onderhanden opdrachten (Wet IB 2001, artikel 3.29b lid 2).
Een adviesopdracht is in de wet een overeenkomst van opdracht. Dat is werk dat iets anders oplevert dan een werk van stoffelijke aard, zoals een gebouw of een product (BW 7:400). Voor een dakdekker of een bouwbedrijf gaat het om aanneming van werk. De regels voor de jaarrekening lijken op elkaar, maar de meting van de voortgang verschilt.
Werkt u op uurbasis, dan zijn de uren die u in december maakte en in januari factureert gewoon omzet van december. Zonder afgesproken prijs is de klant het gebruikelijke of een redelijk loon verschuldigd (BW 7:405 lid 2). Werkt u tegen een vaste prijs, dan verdeelt u die prijs over het werk. Daar gaat de rest van dit artikel over. Hoe het bij een dakbedrijf werkt, leest u in onderhanden werk bij een dakbedrijf.
Waarom telt een half afgemaakte opdracht al mee voor uw winst?
Omdat de wet zegt dat baten en lasten in het jaar horen waarin ze ontstaan, niet in het jaar waarin het geld binnenkomt. De jaarrekening neemt de baten en lasten van het boekjaar op, ongeacht of ze in dat jaar tot ontvangsten of uitgaven hebben geleid (BW 2:362 lid 5).
Richtlijn 270 van de Raad voor de Jaarverslaggeving werkt dat uit voor diensten. Kan het resultaat van een dienst betrouwbaar worden geschat, dan verwerkt u de opbrengst naar rato van de verrichte prestaties (RJ 270, alinea 115). Daarbij verwijst de richtlijn naar Richtlijn 221 voor onderhanden projecten, die gewoonlijk ook voor diensten geldt (RJ 270, alinea 116).
Fiscaal is het sinds 2007 net zo. Het onderhanden werk wordt gewaardeerd op het deel van de afgesproken vergoeding dat bij het gedane werk hoort (Wet IB 2001, artikel 3.29b). Volgens de memorie van toelichting wordt zo gedurende het project voortschrijdend winst zichtbaar, inclusief een deel van de algemene kosten en een winstopslag (Kamerstukken II 2005/06, 30 572, nr. 3). Voor de bv geldt dit artikel via de Wet op de vennootschapsbelasting (Wet Vpb 1969, artikel 8).
Wat dit betekent voor uw belasting
Rekent u een vaste prijs en factureert u pas bij oplevering in februari, dan telt de winst op het werk van oktober tot en met december toch mee in het jaar daarvoor. U kunt winst dus niet doorschuiven door later te factureren.
Hoe bepaalt u hoe ver een adviesopdracht is?
Bij advieswerk meet u de voortgang meestal met uren: de gewerkte uren tegen alle uren die de opdracht kost. RJ 270 noemt drie methoden: een beoordeling van het uitgevoerde werk, de verrichte dienstverlening als percentage van het totaal, of de gemaakte kosten tegen de geschatte totale kosten (RJ 270, alinea 119). U kiest de methode waarmee u de voortgang betrouwbaar kunt bepalen.
Termijnfacturen en voorschotten zijn volgens de richtlijn meestal geen goede maat voor hoe ver het werk is (RJ 270, alinea 119). Een eerste termijn van 50% bij de start zegt niet dat de helft klaar is.
De zwakke plek is de schatting van de uren die nog nodig zijn. Mensen schatten hun eigen werk structureel te optimistisch in. In een reeks studies waren deelnemers te optimistisch over hoe snel ze hun eigen taken af zouden hebben, bij studietaken en bij andere taken. Ze dachten vooral aan het plan en weinig aan eerdere ervaringen. Wie werd gevraagd eerst aan eerdere taken te denken, schatte niet meer te optimistisch (Buehler, Griffin & Ross, 1994).
Kahneman en Lovallo beschrijven hetzelfde voor beslissingen in organisaties. Te optimistische voorspellingen ontstaan door een blik van binnenuit, waarbij een plan en scenario's het anker zijn en de cijfers van eerdere projecten worden vergeten (Kahneman & Lovallo, 1993). Voor de jaarafsluiting betekent dit: vergelijk de geschatte resterende uren met hoeveel uren vergelijkbare opdrachten echt kostten.
Wat doen termijnfacturen en voorschotten met de balans en de btw?
Op de balans zet u het verschil tussen wat u hebt verdiend en wat u hebt gefactureerd. Hebt u meer gedaan dan gefactureerd, dan is het verschil een vordering: nog te factureren omzet. Hebt u meer gefactureerd dan gedaan, dan is het verschil een schuld. De wet noemt die schuld ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen (BW 2:375 lid 1 onder c).
| Situatie op 31 december | Op de balans | In de winst-en-verliesrekening |
|---|---|---|
| Gedaan € 25.000, gefactureerd € 20.000 | Vordering nog te factureren € 5.000 | Omzet € 25.000 |
| Gedaan € 20.000, gefactureerd € 20.000 | Geen verschil | Omzet € 20.000 |
| Gedaan € 15.000, gefactureerd € 20.000 | Schuld vooruitgefactureerd € 5.000 | Omzet € 15.000 |
Voor de btw telt iets anders: de factuur en de betaling. Btw is verschuldigd op het moment dat u de factuur uitreikt, en uiterlijk op het moment dat u het geld of een deel ervan ontvangt (Wet OB 1968, artikel 13 lid 1 en 2). Een voorschot van de klant aan het begin van de opdracht geeft dus direct btw, ook als u nog niets hebt gedaan.
Wat doet u als een opdracht tegen een vaste prijs verlies gaat opleveren?
Dan mag u dat verlies al nemen in het jaar waarin u het ziet aankomen. De wet zegt dat winsten pas worden opgenomen als ze op de balansdatum zijn verwezenlijkt, en dat voorzienbare verplichtingen en mogelijke verliezen die vóór het einde van het boekjaar ontstonden in acht kunnen worden genomen (BW 2:384 lid 2).
Ook fiscaal blijft een voorziening mogelijk als daar aanleiding voor is. Dat schrijft de memorie van toelichting bij artikel 3.29b (Kamerstukken II 2005/06, 30 572, nr. 3). Leg vast waarom u het verlies verwacht: de urenstand, de nieuwe schatting en de afspraken met de klant.
Of een vaste prijs verstandig is, hangt af van hoe goed de vraag van de klant vaststaat. In een studie van 93 softwareprojecten van een Indiase leverancier verklaarden onder meer de onzekerheid over de eisen van de klant, de omvang van het team en tekort aan mensen welk soort contract werd gekozen. De keuze van het contract had ook een duidelijk verband met de winst op het project (Gopal en anderen, 2003). Het gaat om IT-projecten in India, maar de les past ook bij advieswerk: hoe vager de vraag, hoe groter het risico van een vaste prijs.
Hoe verwerkt u een succesfee, een retainer of een opdracht die de klant stopt?
Een succesfee telt pas mee als de uitkomst betrouwbaar is in te schatten. RJ 270 noemt als voorbeeld een afspraak waarbij alleen bij een bepaald resultaat een vergoeding volgt (RJ 270, alinea 118). Zolang dat niet kan, verwerkt u hooguit opbrengst tot het bedrag van de kosten die u waarschijnlijk terugkrijgt, en geen winst (RJ 270, alinea 121 en 122). Bestaat de vergoeding grotendeels uit een vast deel, dan kan de totale opbrengst wel betrouwbaar zijn.
Een retainer is een vast bedrag per periode voor werk zonder vast aantal taken, zoals een vaste adviesrol of een klankbordfunctie. Die opbrengst verdeelt u gelijk over de periode, tenzij een andere verdeling beter past bij het werk (RJ 270, alinea 120).
Een klant mag een opdracht altijd opzeggen (BW 7:408 lid 1). Hing uw loon af van het afmaken van de opdracht, dan hebt u recht op een redelijk deel van het loon. Daarbij tellen het werk dat u al deed, het voordeel voor de klant en de reden van het einde mee (BW 7:411 lid 1). Tussen bedrijven mag u in de opdracht een opzegtermijn of een vergoeding bij tussentijds stoppen afspreken. Dat maakt het bedrag op de balans zekerder.
Moet onderhanden werk in de jaarrekening hetzelfde zijn als in de aangifte?
Voor een kleine bv mag het, maar het hoeft niet. Een kleine rechtspersoon mag de jaarrekening opstellen op fiscale grondslagen, als hij dan alle fiscale grondslagen toepast en dat in de toelichting meldt (BW 2:396 lid 6). Klein is een bv met twee van de drie: activa tot € 7.500.000, netto-omzet tot € 15.000.000 en minder dan 50 werknemers (BW 2:396 lid 1). Bijna elk adviesbureau valt daaronder.
Hebt u een eenmanszaak, dan maakt u geen openbare jaarrekening. Artikel 3.29b staat in de Wet inkomstenbelasting en geldt dus gewoon voor uw winst. Ook als zzp'er telt de vaste-prijsopdracht die op 31 december half af is, voor het gedane deel mee in uw belastbare winst.
De huidige teksten van de richtlijnen zijn niet vrij te lezen. Richtlijn 221 Onderhanden projecten is aangepast in 2024 en geldt voor boekjaren vanaf 1 januari 2025 (SRA, RJ-jaareditie 2025). De alinea's van RJ 270 in dit artikel komen uit de vrij gepubliceerde versie van 2021. Twijfelt u over een grote opdracht, leg dan de keuze en de schatting vast en bespreek ze met uw accountant.
Telt een opdracht die ik in december begon maar in januari factureer mee in het oude jaar?
Ja, voor het deel dat in december is gedaan. Bij uurtarief zijn dat de gewerkte uren, bij een vaste prijs het deel van de prijs dat bij het gedane werk hoort.
Mag ik een voorschot van de klant als omzet boeken?
Nee, alleen voor het deel dat u al hebt gedaan. De rest staat als schuld op de balans. De btw over het voorschot is wel al verschuldigd.
Moet ik mijn eigen uren als zzp'er bijhouden voor onderhanden werk?
Bij een vaste prijs wel, want zonder uren kunt u de voortgang moeilijk onderbouwen. Een beoordeling van het werk mag ook, maar is lastiger te laten zien.
Bronnen
- Wet inkomstenbelasting 2001, artikel 3.29b, geldend vanaf 21 februari 2026. wetten.overheid.nl
- Wet op de vennootschapsbelasting 1969, artikel 8, geldend vanaf 1 januari 2026. wetten.overheid.nl
- Kamerstukken II 2005/06, 30 572, nr. 3, memorie van toelichting bij de Wet werken aan winst, paragraaf 7.3 en artikelsgewijze toelichting bij artikel 3.29b. officielebekendmakingen.nl
- Burgerlijk Wetboek Boek 2, artikelen 362, 375, 384 en 396, geldend vanaf 1 juli 2026. wetten.overheid.nl
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikelen 400, 405, 408 en 411, geldend vanaf 8 oktober 2026. wetten.overheid.nl
- Wet op de omzetbelasting 1968, artikel 13, geldend vanaf 1 januari 2026. wetten.overheid.nl
- Raad voor de Jaarverslaggeving, RJ-Uiting 2020-15, bijlage 2: Richtlijn 270 De winst-en-verliesrekening (aangepast 2021), alinea 115 tot en met 122. rjnet.nl
- SRA, RJ-jaareditie 2025, Richtlijn 221 Onderhanden projecten (aangepast 2024), inhoudsopgave. sra.nl
- Buehler, R., Griffin, D. & Ross, M. (1994). Exploring the "planning fallacy": why people underestimate their task completion times. Journal of Personality and Social Psychology, 67(3), 366-381. doi.org
- Kahneman, D. & Lovallo, D. (1993). Timid choices and bold forecasts: a cognitive perspective on risk taking. Management Science, 39(1), 17-31. doi.org
- Gopal, A., Sivaramakrishnan, K., Krishnan, M.S. & Mukhopadhyay, T. (2003). Contracts in offshore software development: an empirical analysis. Management Science, 49(12), 1671-1683. doi.org