Neemt u als elektricien uw eerste monteur in dienst, dan regelt u vijf dingen. U betaalt minstens het loon uit de cao Technisch Installatiebedrijf, met 8% vakantiegeld en pensioen bij Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT). U meldt zich bij de Belastingdienst aan als werkgever. U maakt een RI&E. En u wijst uw monteur schriftelijk aan voor het elektrotechnische werk dat hij mag doen.
Er zijn twee andere routes. Een BBL-leerling werkt en leert tegelijk en geeft recht op subsidie. Een collega inhuren als zzp'er is flexibeler, maar vanaf 31 december 2026 telt zijn uurtarief mee bij de vraag of hij eigenlijk werknemer is.
In het kort
- De cao Technisch Installatiebedrijf is algemeen verbindend tot en met 31 januari 2028. Ook zonder lidmaatschap van Techniek Nederland betaalt u cao-loon, 8% vakantiegeld en PMT-pensioen.
- Met personeel hebt u een RI&E nodig, en als erkend installatiebedrijf een schriftelijke aanwijzing per medewerker. Als eenmanszaak hoefde dat niet.
- Een BBL-leerling geeft recht op maximaal € 2.800 subsidie per leerplaats, vaak minder. Een zzp-collega onder € 38 per uur kan vanaf 31 december 2026 stellen dat hij werknemer is.
In dit artikel
- Welke cao geldt voor uw eerste monteur?
- Welk loon betaalt u een monteur?
- Moet u uw monteur aanmelden bij een pensioenfonds?
- Wat regelt u met de Belastingdienst?
- Hebt u een RI&E nodig zodra u personeel hebt?
- Wat regelt u voor veilig werken aan installaties?
- Is een BBL-leerling een goede eerste werknemer?
- Kunt u beter een collega als zzp'er inhuren?
Welke cao geldt voor uw eerste monteur?
De cao Technisch Installatiebedrijf. De minister van Sociale Zaken heeft die cao op 2 juni 2026 algemeen verbindend verklaard tot en met 31 januari 2028 (Staatscourant 2026, 16909). Algemeen verbindend betekent dat de cao geldt voor alle werkgevers in de branche, ook als u geen lid bent van Techniek Nederland en uw monteur geen lid is van een vakbond.
De cao noemt het aanleggen, wijzigen, herstellen en onderhouden van elektrotechnische installaties uitdrukkelijk als werk van het elektrotechnisch installatiebedrijf (Staatscourant 2026, 16909). Of hij voor u geldt, hangt af van waar de meeste gewerkte uren van uw personeel aan opgaan. Doet uw monteur vooral installatiewerk, dan valt u eronder.
De normale werkweek is volgens de cao gemiddeld 38 uur (Staatscourant 2026, 16909). De cao regelt daarnaast onder meer overwerk, reisuren, reiskosten en vakantiedagen. Lees die artikelen voordat u een arbeidscontract opstelt, want een afspraak die lager uitvalt dan de cao geldt niet.
Welk loon betaalt u een monteur?
Minstens het bedrag uit de salaristabel van de cao. De salarisgroep volgt uit de functie-indeling, en binnen de groep stijgt het loon met de functiejaren. In de tabel vanaf 1 maart 2026 is het maandsalaris in groep E/6 zonder functiejaren € 3.002, en in de hoogste groep J/11 € 4.392 (Staatscourant 2026, 16909). Per 1 maart 2027 komt er voor de meeste groepen € 115 per maand bij.
Bovenop het loon betaalt u vakantiegeld. De cao zegt: 8% van wat de werknemer in totaal heeft verdiend sinds de laatste 1 juli (Staatscourant 2026, 16909). Wordt uw monteur ziek, dan betaalt u volgens de wet tot 104 weken lang minstens 70% van zijn loon door. Die verplichting staat ook in de bijlage over ziekte van de cao.
Een rekenvoorbeeld. Twaalf maanden van € 3.002 is € 36.024. Met 8% vakantiegeld komt daar € 2.882 bij. Tel het werkgeversdeel van de pensioenpremie op, en u zit op bijna € 42.000 per jaar. Dan zijn de werkgeverspremies voor de werknemersverzekeringen en de bijdragen aan de fondsen van de branche nog niet meegeteld.
Moet u uw monteur aanmelden bij een pensioenfonds?
Ja, bij Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT). De cao Technisch Installatiebedrijf noemt PMT als het pensioenfonds van de werknemers in de branche (Staatscourant 2026, 16909). U kiest dus niet zelf een pensioenverzekeraar.
In 2026 is de premie 27,98% van het salaris tot € 99.321, na aftrek van een franchise van € 19.172 (PMT, 2026). De franchise is het deel van het salaris waarover geen premie wordt betaald. Als werkgever betaalt u minstens 17,70%, en u mag hooguit 10,28% bij uw monteur inhouden.
In het rekenvoorbeeld blijft van € 36.024 na de franchise € 16.852 over. Uw deel van 17,70% is dan ongeveer € 2.983 per jaar. Of PMT het vakantiegeld meetelt in het salaris, hangt af van het pensioenreglement. Laat de juiste berekening door uw salarisadministratie maken.
Wat regelt u met de Belastingdienst?
U meldt zich aan als werkgever, uiterlijk op de dag dat uw eerste werknemer begint (Belastingdienst). Bent u in Nederland gevestigd, dan gebruikt u het formulier Melding Loonheffingen Aanmelding werkgever. Meestal krijgt u binnen een week een loonheffingennummer en een aangiftebrief.
De loonheffingen zijn de belasting en premies die u op het loon inhoudt of zelf betaalt, en per aangiftetijdvak aan de Belastingdienst afdraagt. Met het loonheffingennummer doet u die aangifte. In de aangiftebrief staat over welke tijdvakken u aangifte doet.
Veel kleine werkgevers besteden de salarisadministratie uit. Dat is geen plicht. Wel moet elke loonstrook kloppen met de cao en met uw aangifte.
Hebt u een RI&E nodig zodra u personeel hebt?
Ja. Een RI&E, een risico-inventarisatie en -evaluatie, is een schriftelijk overzicht van de risico's in het werk van uw werknemers. Daarbij hoort een plan van aanpak met maatregelen. De Nederlandse Arbeidsinspectie zegt het kort: iedere werkgever moet er een hebben (Nederlandse Arbeidsinspectie).
Als zelfstandige zonder personeel had u die plicht niet. Volgens het Arboportaal gelden voor zelfstandigen geen systeemverplichtingen, zoals de RI&E. Die vrijstelling stopt op de dag dat uw eerste monteur begint.
Met minder dan 26 medewerkers mag u een branche-RI&E gebruiken, zonder dat een deskundige hem toetst (Nederlandse Arbeidsinspectie). Ontbreken de RI&E of het plan van aanpak, dan kan de Arbeidsinspectie direct een boete opleggen.
Wat regelt u voor veilig werken aan installaties?
Een schriftelijke aanwijzing. Het Arbobesluit, artikel 3.5 eist dat elektrotechnisch werk dat gevaar kan opleveren, wordt gedaan door werknemers die deskundig, voldoende onderricht en bevoegd zijn. Ook staat er dat werk aan of bij een installatie alleen gebeurt als die spanningsloos is, op een paar strikte uitzonderingen na.
NEN 3140, de norm voor het veilig beheren van en werken aan elektrische installaties, werkt dat uit met aanwijzingen. Een aanwijzing is een document per medewerker met onder meer zijn rol, de installaties en het werk waarvoor hij is aangewezen, en de handtekeningen van beide partijen (Techniek Nederland, 2026). U mag pas aanwijzen als duidelijk is dat iemand genoeg kennis, ervaring en middelen heeft.
Voor een erkend installatiebedrijf is dit ook een eis van de erkenning. De regeling van InstallQ zegt dat het technisch personeel schriftelijk wordt aangewezen als werkverantwoordelijke, vakbekwaam persoon of voldoende onderricht persoon. Eénmansbedrijven hoeven niet aan te wijzen (InstallQ, Erkenningsregeling Laagspanningsinstallaties). Met uw eerste monteur bent u geen eenmansbedrijf meer.
Is een BBL-leerling een goede eerste werknemer?
Een BBL-leerling is goedkoper, maar vraagt tijd. BBL is de beroepsbegeleidende leerweg van het mbo: de leerling werkt bij u en gaat daarnaast naar school. De salaristabel van de cao heeft lagere bedragen voor werknemers tot 21 jaar.
Voor een leerplaats kunt u subsidie praktijkleren aanvragen, maximaal € 2.800 per gerealiseerde leerplaats (RVO). Zijn er meer aanvragen dan budget, dan verdeelt RVO het geld evenredig, dus vaak krijgt u minder. Voor studiejaar 2026-2027 vraagt u aan van 2 juni 2027 tot en met 17 september 2027, 17.00 uur. RVO controleert bij SBB of uw bedrijf een erkend leerbedrijf is.
Of opleiden loont, is goed onderzocht in Duitsland en Zwitserland, de enige twee landen met vaste gegevens over kosten en baten. In een goed werkend leerlingstelsel verdient een groot deel van de opleidende bedrijven de kosten aan het eind van de opleiding terug (Muehlemann & Wolter, 2014). Bedrijven houden vaak de beste leerlingen. Opleiden is daarmee ook een manier om vakmensen te werven. Of dat in Nederland net zo uitpakt, zegt dit onderzoek niet.
Kunt u beter een collega als zzp'er inhuren?
Dat kan, voor pieken en grote klussen. U betaalt dan geen cao-loon, geen PMT-premie en geen loonheffingen, en u stopt als het werk stopt. Daar staat tegenover dat de collega echt zelfstandig moet werken. Bepaalt u zijn werktijden, zijn werkwijze en zijn klussen, dan lijkt hij op een werknemer.
Vanaf 31 december 2026 geldt bovendien het rechtsvermoeden van werknemerschap (artikel 7:610aa BW). Werkt iemand voor een tarief van hooguit het grensbedrag per uur, dan wordt vermoed dat hij werknemer is. De opdrachtgever moet dan bij de rechter bewijzen dat het een echte zelfstandige opdracht is (KVK, 7 oktober 2026). Het grensbedrag is € 38 per uur (stand 1 januari 2026). Het bedrag per 31 december 2026 maakt de minister nog bekend.
Het rechtsvermoeden geldt niet als de opdrachtgever een particulier is. U huurt de collega in als bedrijf, dus voor u geldt het wel. Materiaalkosten tellen niet mee in het uurtarief, volgens de memorie van toelichting. De Belastingdienst toetst zelf niet aan het bedrag, maar blijft wel onderzoeken of iemand eigenlijk in dienst is.
Dat onderzoek wordt strenger. In 2026 legt de Belastingdienst bij schijnzelfstandigheid nog geen verzuimboetes op. Vanaf 1 januari 2027 vervalt ook dat deel van de zachte landing, de overgangsperiode met mildere handhaving (Kamerbrief van 19 december 2025).
| Monteur in dienst | Zzp-collega | |
|---|---|---|
| Loon | Cao-loon plus 8% vakantiegeld | Afgesproken uurtarief, met factuur |
| Pensioen | PMT, werkgever minstens 17,70% | Regelt hij zelf |
| Belastingdienst | Aanmelden als werkgever, loonaangifte | Geen loonheffingen, wel risico op schijnzelfstandigheid |
| Veiligheid | RI&E en schriftelijke aanwijzing | Werkt onder eigen verantwoordelijkheid |
| Ziekte | Tot 104 weken minstens 70% loon doorbetalen | Geen loondoorbetaling |
Bronnen
- Besluit algemeen verbindend verklaring cao Technisch Installatiebedrijf 2026/2028, 2 juni 2026, Staatscourant 2026, 16909, met de artikelen 3, 4a, 18, 33a, 59 en bijlage 7. officielebekendmakingen.nl
- Pensioenfonds Metaal en Techniek, Premie berekenen, kerncijfers 2026. pmt.nl
- Belastingdienst, Personeel in dienst nemen en aanmelden als werkgever. belastingdienst.nl
- Nederlandse Arbeidsinspectie, Risico-inventarisatie en -evaluatie en plan van aanpak. nlarbeidsinspectie.nl
- Arboportaal, Zelfstandige ondernemers zonder personeel (zzp). arboportaal.nl
- Arbeidsomstandighedenbesluit, artikel 3.5, geldend vanaf 1 augustus 2026. wetten.overheid.nl
- Techniek Nederland, Aanwijsbeleid: doel en noodzaak, maart 2026. technieknederland.nl
- InstallQ, Erkenningsregeling Laagspanningsinstallaties, vastgesteld 26 september 2019, artikel 3.1.2. installq.nl
- RVO, Subsidieregeling praktijkleren. rvo.nl
- Muehlemann, S. & Wolter, S.C. (2014). Return on investment of apprenticeship systems for enterprises: Evidence from cost-benefit analyses. IZA Journal of Labor Policy, 3, 25. doi.org/10.1186/2193-9004-3-25
- Wet van 18 juni 2026 over het rechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief, Staatsblad 2026, 158, artikel 7:610aa BW. officielebekendmakingen.nl
- KVK, Ben je wel zelfstandig met een uurtarief lager dan 38 euro?, bijgewerkt 7 oktober 2026. kvk.nl
- Memorie van toelichting, Kamerstukken II 36 783, nr. 3. officielebekendmakingen.nl
- Staatssecretaris van Financiën, Gedeeltelijke verlenging zachte landing handhaving schijnzelfstandigheid, Kamerbrief 19 december 2025. tweedekamer.nl